‘Met incidentbestrijding alleen redden we het niet’

‘Met incidentbestrijding alleen redden we het niet’

Romein, A.

Hoogbouw heeft de afgelopen jaren een enorme vlucht genomen als dé oplossing voor het nijpende woningtekort. Die hoge en complexe gebouwen nemen risico’s voor de brandveiligheid met zich mee. Een landelijke Taskforce Hoogbouw gaat hiervoor meer aandacht vragen. Voorzitter Esther Lieben, commandant brandweer Haaglanden, deelt haar bezorgdheid.

Waarom is een Taskforce Hoogbouw nodig?

‘Ingewikkelde gebouwen zoals hoogbouw vormen voor de brandweer een bijzondere uitdaging. De ontruiming duurt langer, de inzettijd is groter en het is lastiger om voldoende bluswater op grote hoogte te krijgen. Met ons materiaal komen we niet hoger dan dertig meter, dus brandbestrijding moet van binnenuit. De problematiek wordt ook zeker onderkend. Maar regelgeving, toezicht en handhaving zijn onvoldoende met alle risico’s van dien.’

14_BB0102_Zomer+nw.html-image1

In het Bouwbesluit worden strengere eisen gesteld aan gebouwen boven de zeventig meter, zoals de sterkte van de constructie, brandwerende materialen, de aanwezigheid van twee brandweerliften en een automatische brandmeldinstallatie en sprinklers. Die voorschriften zijn niet landelijk in detail ingevuld. Het bevoegd gezag heeft op advies van de brandweer de mogelijkheid om zelf nadere eisen te stellen. Het is vervolgens de verantwoordelijkheid van de eigenaar om aan de eisen te voldoen. Voor gebouwen van twintig tot zeventig meter gelden veel minder brandveiligheidsvoorschriften, terwijl daar ook steeds grotere risico’s zijn.

Welke risico’s zie je zoal?

‘Gebouwen branden tegenwoordig veel heviger dan vroeger door het gebruik van kunststoffen en de vele spullen in de woning of in de hal. Risico’s zijn ook groter door bijvoorbeeld laders in stopcontacten en elektrische auto’s in de garages onder de hoogbouw. Maar dat is niet het enige. Wat ook zorgen baart, is de trend dat ouderen langer thuis wonen, ook in hoogbouw. Noodplannen gaan ervan uit dat mensen zelfredzaam zijn. Volgens het Bouwbesluit zijn er dan keurig twee vluchtroutes, maar veel kwetsbare bewoners zijn niet mobiel. Bij incidenten in dit soort complexen zien we veel meer dan vroeger ouderen die in hun woning blijven.’

Is het dan wel zo’n goed idee, al die hoogbouw?

‘Ik zie zeker dat het nodig is. Hoogbouw is de oplossing voor het woningtekort in de overvolle Randstad. Maar laten we de veiligheidsrisico’s wel onder ogen zien en daar met elkaar oplossingen voor vinden. Nog een voorbeeld. Tegenwoordig is het de trend om kantoren om te bouwen tot woningen. Dat lijkt een snelle oplossing voor het woningtekort. Maar bedenk dan wel dat die getransformeerde kantoorgebouwen aan lagere brandveiligheidseisen mogen voldoen dan nieuwe woontorens. Wil je wél die risico’s beperken dan lopen de kosten al snel op en zien we weerstand ontstaan bij de ontwikkelaars.’

Strengere wet- en regelgeving dus?

‘Ja, ik pleit voor strengere brandpreventieve eisen voor alle hogere gebouwen. Maar ik draai lang genoeg mee om te zien dat dit geen garantie is dat het allemaal wel in orde komt. Je moet er ook voor zorgen dat de regels voldoende gehandhaafd worden. Engeland kent vergelijkbare regels, maar daar is het in Londen vreselijk misgegaan. Want als men zich tijdens de bouw of renovatie niet aan de regels houdt, heb je later een groot probleem.’

Esther Lieben doelt op de brand in de Grenfell Tower in Londen in 2017, waarbij 81 mensen om het leven kwamen. Waar de bewoners en de brandweer ervan uitgingen dat ze met een brandveilig gebouw te maken hadden, bleken de gevelplaten na een renovatie niet aan de eisen te voldoen. Het advies ‘blijf op uw verdieping’ bleek – achteraf beschouwd – een heel slecht idee.

Als de risico’s bekend zijn, waarom wordt er dan niet optimaal brandveilig gebouwd?

‘Als onze specialisten risicobeheersing aan tafel zitten met projectontwikkelaars, aannemers en architecten zijn dat geen makkelijke gesprekken. De meeste voorzieningen die ze voorschrijven kosten veel geld. Bovendien praat je altijd over scenario’s die nog niet hebben plaatsgevonden en waarvan je hoopt dat ze niet plaatsvinden. In zo’n voortraject gaan partijen dus onderhandelen, bijvoorbeeld over goedkopere materiaalkeuze of wat eenvoudigere (sprinkler)installaties. Of een projectontwikkelaar bouwt tot 69 meter om onder de strengere eisen uit te komen die vanaf 70 meter gelden. Heel kinderachtig, maar dat soort dingen maken de adviseurs dagelijks mee in een bouwwereld waar elke euro wordt omgedraaid.’

Die controle op naleving van de veiligheidsregels is dus onvoldoende. Wat gaat er mis?

‘Dat is een volgend probleem. Op het gebied van wet- en regelgeving verdwijnt steeds meer naar de private markt. Met de komst van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) – die voor volgend jaar gepland is – wordt het toezicht op eenvoudige bouwwerken al uitbesteed aan commerciële bedrijven. Het is daarna natuurlijk te verwachten dat dit ook voor complexe gebouwen gaat gebeuren. Ik vind dat geen goede ontwikkeling. Veiligheid is een intrinsieke verantwoordelijkheid van de overheid. Binnen een bedrijf kunnen hele capabele mensen werken, maar wij moeten als overheid zelf de mogelijkheid hebben om plannen op brandveiligheid en andere risico’s te kunnen beoordelen. Daarom investeren wij in specialistische kennis. Voor een waardevolle inbreng hebben wij nog meer hooggekwalificeerd personeel nodig. Dus bij deze een oproep aan studenten van de Technische Universiteit of Technische Hogeschool om voor de publieke zaak te komen werken in plaats van bij een ingenieursbureau.’

Er moet in ieder geval een inhoudelijk specialist aan tafel bij de start van bouwplannen.

‘Dat roepen we ook al jaren en dan vraag je natuurlijk waarom lukt dat nou niet. Het is best moeilijk de juiste expertise in te brengen. Als je nog bezig bent met globale planvorming dan zit je niet te wachten op iemand die details over brandveiligheid inbrengt en wat er allemaal niet kan. Dan komt er niks van de grond. Maar voor je het weet ben je te laat en is het hele gebouw al ontworpen en schiet de brandveiligheid tekort. Het is dus een kwestie van het juiste advies op het juiste moment. Daar worden we steeds beter in.’

Stel dat overal aan is gedacht en de regels worden gehandhaafd. Zijn we er dan?

‘Dan is er nog een onzekere component: het menselijk gedrag. Theoretische concepten blijken in crisistijd niet altijd te werken. Want stel, jij woont op dertien hoog in een gebouw dat zodanig is ontworpen dat in geval van brand iedereen in eerste instantie in zijn woning blijft. Op de zesde verdieping breekt brand uit. Wat doe je? Bijna ieder mens die daartoe in staat is wil zo snel mogelijk het pand uit. Het is dus belangrijk om de theoretische concepten heel goed te doordenken, zodat ze aansluiten op het menselijk gedrag in noodsituaties én de inzetprocedures van hulpdiensten.’

Wat kan de Taskforce Hoogbouw concreet doen?

‘De risico’s bekender maken en daar eerlijk over zijn. We gaan veel communiceren, de media opzoeken en meedoen in het maatschappelijk debat. Vinden we dat ouderen en kwetsbare mensen ook in hoge gebouwen moeten wonen? Vinden we het parkeren van elektrische auto’s onderin hoogbouw acceptabel? Kunnen we veiligheidswinst halen uit domotica oplossingen, dus slimme elektronica in huis? We moeten heel duidelijk zijn over al die nieuwe risico’s en kansen om die risico’s te verkleinen. Jarenlang heeft het simpelweg opvolgen van regelgeving misschien goed gewerkt, maar nu niet meer. Het gebruik van gebouwen is anders, materialen zijn anders en mensen zijn anders. En de regelgeving is nauwelijks meebewogen.’

Hoe los je die gedragscomponent op?

‘Door die ook mee te nemen in bouwconcepten. Zijn de looproutes wel logisch en zijn de brandveiligheidsinstallaties robuust? Het gaat ook om informatie en bewustwording. Weten bewoners waar ze heen moeten en waar ze veilig zijn bij brand? Hebben ze enig idee of hun flat met horizontale of verticale rookwerende scheidingswanden is gebouwd? Moet je vluchten? Wachten? Met de lift of niet? Bewoners in hoogbouw moeten hier beter over worden geïnformeerd en er zeker van kunnen zijn dat het klopt.’

In Londen vertrouwden de bewoners daar ook op.

‘Ik heb altijd gezegd dat Grenfell hier niet kan gebeuren, omdat ik vertrouwen heb in projectontwikkeling en algemeen bestuur in Nederland. Dat heb ik nog steeds, maar aan de andere kant maak ik me ook zorgen. Laatst was er een grote brand in de Wouwermanstraat in de Schilderswijk. Door een renovatie was het pand niet brandveilig meer. Brandwerende scheidingen waren niet meer intact, er waren polyester balkons aangebracht: de brand greep razendsnel om zich heen. Dit risico wordt alleen maar groter. Meer hoogbouw, meer mensen, meer renovaties - serieuze risico’s waar we het echt met elkaar over moeten hebben.’

Andere artikelen in deze aflevering

Stoere jongens met psychische klachten

We maken bij de brandweer soms heftige dingen mee. Hoe gaan we daarmee om? John Bruins werd na jaren van problemen gediagnosticeerd met een posttraumatische stressstoornis (PTSS) en hoopt met zijn ver...