De negatieve piek van de jaarwisseling

De negatieve piek van de jaarwisseling

Jildou Visser

Na enkele jaren waarin het aantal incidenten tijdens de jaarwisseling afnam, was er deze jaarwisseling sprake van een grote, negatieve piek. Niet alleen het aantal meldingen en incidenten steeg fors, met 21 procent, er waren ook veel gevallen van agressie tegen hulp­verleners. Uit cijfers van Brandweer Nederland blijkt dat twaalf keer aangifte is gedaan door brandweerlieden. ‘Daarnaast zijn er brandweerlieden die geen aangifte durven te doen’, stelt Martin Evers, plaatsvervangend commandant van Brandweer Haaglanden. ‘Het aantal daadwerkelijke gevallen van agressie ligt dus hoger.’

BR201901-26JAARWISSELING

Veiligheidsregio Haaglanden spant dit jaar de kroon als het gaat om het aantal meldingen. In die regio zijn 34 TS’en ingezet. In totaal waren er twaalf­honderd meldingen en ruim zevenhonderd incidenten. ‘We zijn terug op het niveau van 2013. Ten opzichte van vorig jaar is het aantal autobranden bijvoorbeeld verdubbeld’, vertelt Martin Evers, plaatsvervangend commandant van Brandweer Haaglanden. ‘Ik moet eerlijk bekennen dat ik de afgelopen jaren het idee kreeg dat het wel meeviel met het geweld tegen onze mensen tijdens de jaarwisseling. Mijn referentiekader daarin was 1990, toen ik zelf een brand stond te blussen en we met bakstenen werden bekogeld. Dit jaar ben ik geschrokken, vooral van de mate waarin mijn mensen geschrokken zijn. We hebben voor een ton schade aan voertuigen en de gesprekken die ik na afloop voerde met de mannen en vrouwen van onze kazernes, kwamen hard binnen. Uitspraken als “ze zijn van God los” en “dit is ver over de grens” hoorde ik uit de mond van de mannen en vrouwen die al meerdere jaarwisselingen hebben meegemaakt. Ze zijn dus wel wat gewend. De blik in hun ogen erbij sprak boekdelen.’

De nacht

Pascal Pronk is één van de bevelvoerders die tijdens de jaarwisseling is ingezet. Hij is inmiddels twintig jaar brandweerman, waarvan elf jaar bevelvoerder. ‘Ik ben er eigenlijk mee opgegroeid dat oud en nieuw in het teken staat van agressie. Ik weet nog dat m’n vader vroeger bij de brandweer zat en dat we vanuit huis konden zien hoe ze over de ME heen, branden stonden te blussen. Toch zie ik dat de sfeer de laatste jaren steeds grimmiger is geworden, met de laatste jaarwisseling als dieptepunt.’

In de ochtendbriefing op 31 december bereidt Pronk zijn manschappen voor op de dag en nacht die gaat komen. ‘Het is eigenlijk best raar dat we het normaal zijn gaan vinden dat we de veiligheid al meenemen in de ochtendbriefing. Zodra je de TS uitstapt heb je de helm op en de handschoenen aan. De aanvalsploeg gaat blussen, de waterploeg houdt samen met de bevelvoerder continu de omgeving in de gaten. Ik heb hiervoor bij Defensie gewerkt. Deze manier van werken lijkt bijna meer op een defensieve gevechtssituatie dan op een brandweerinzet.’ Toch is het nodig, blijkt ook die nacht. Pronk heeft dienst op de kazerne Centrum en heeft daarmee ook de Schilderswijk in zijn verzorgingsgebied. In de loop van de avond wordt de sfeer steeds grimmiger. ‘Op een gegeven moment zijn we gaan rijden op een autobrand. Toen we ter plaatse kwamen, zagen we een grote groep mensen onder invloed van weet ik wat allemaal. De politie stond al paraat, samen met een peloton ME. We stapten uit de auto en werden direct bekogeld. Niet met gewoon vuurwerk, maar met nitraatbommen’, blikt Pronk terug. ‘Eén van de exemplaren belandde op de helm van een van mijn manschappen, ketste af en is ongeveer tachtig centimeter verder ontploft. Op dat moment, sta je er niet bij stil. Het gekke is dat de politie de straat vervolgens schoonveegt, zodat wij ons werk kunnen doen, maar dat de groep zich gewoon verplaatst. Bij een volgend incident stonden we weer tegenover dezelfde idioten. Je bent continu met je eigen veiligheid en die van je manschappen bezig. Je kunt geen moment verslappen.’

Het heftigste incident van die nacht vindt Pronk een vuurwerk­incident tijdens het blussen van een middelbrand in een garage naast een woonhuis. ‘We hebben de bewoners uit hun huis moeten halen, want dat stond vol rook. Terwijl de vrouw met haar baby op de arm en een oudere man van een jaar of tachtig buiten stonden te kijken hoe wij de brand aan het blussen waren, werd zwaar vuurwerk naar hen toegegooid. Ze waren volledig in paniek. Ik heb ze in de TS laten plaatsnemen, daar zagen we pas dat de hand van de man door het vuurwerk was verbrand.

2018 - 2019

2017 - 2018

Amsterdam-Amstelland

327

186

Brabant-Noord

81

52

Brabant-Zuidoost

117

54

Drenthe

132

90

Flevoland

72

36

Fryslân

96

71

Gelderland-Midden

102

62

Gelderland-Zuid

187

155

Gooi en Vechtstreek

36

67

Groningen

101

76

Haaglanden

712

544

Hollands Midden

143

194

Kennemerland

82

100

Limburg-Noord

11

10

Zuid-Limburg

57

56

Midden- en West-Brabant

155

215

Noord-Holland Noord

147

81

Noord- en Oost-Gelderland

117

128

Rotterdam-Rijnmond

661

751

Utrecht

370

190

Twente

107

90

IJsselland

71

62

Zaanstreek-Waterland

51

55

Zeeland

94

71

Zuid-Holland Zuid

193

89

TOTAAL

4.222

3.485

Vanaf één uur wordt Pronk met zijn ploeg ingezet bij branden die ontstaan als gevolg van het uit de hand gelopen vreugdevuur in Scheveningen. Het meest bizarre was dat collega’s vanuit een flat met zwaar vuurwerk werden bekogeld terwijl ze een dakbrand bij diezelfde flat stonden te blussen.’ Als de ploeg om 4.45 uur wordt afgelost, keren ze terug naar de kazerne. Pronk: ‘Ik was blij toen we weer veilig met z’n zessen op de kazerne waren. Toen pas waren we onder de indruk van wat er eigenlijk allemaal was gebeurd. Zeker toen we de beelden van de helmcamera terug­keken, schrokken we. Pas toen kwam het besef dat de grootste nachtmerrie die nacht waarheid kan kunnen worden, als de nitraatbom op de helm was ontploft.’

Aangifte

Na de jaarwisseling is in Haaglanden veel gesproken over over alle incidenten. ‘Er moet iets veranderen’, beseft Evers. ‘Maar hoe, dat is de grote vraag. Vaak wordt al snel gesproken over zwaarder straffen, maar ik heb al jaren manschappen in het korps die geen aangifte durven te doen. Ze zijn bang dat hun thuisadres wordt gevonden en dat dan represailles volgen.’ Evers legt uit dat in het huidige strafprocesrecht anonimiteit niet verzekerd is. Aangifte door de werkgever of (deels) anoniem is mogelijk, maar verderop in de procesgang kan de officier van justitie of de rechter bepalen dat die opgeheven moet worden. ‘Ik pleit ervoor dat zodra het gaat om geweld tegen ambtenaren in functie, een aangifte vanuit de organisatie mogelijk moet worden en roep de wetgever dan ook op dit aan te passen.’

Door Jildou Visser; fotografie: Jeffrey Koper

Andere artikelen in deze aflevering