‘Investeer in veiligheidsbewustzijn bij aardgasincidenten’

‘Investeer in veiligheidsbewustzijn bij aardgasincidenten’

J. Visser

‘Aardgas is een van de meest onderschatte risico’s. Incidenten hiermee moet je zeer serieus nemen’, vertelt kennisregisseur Jeroen van Opstal van Brandweer Flevoland. Het is een van de leerpunten uit de leertafel die de regio na de gasexplosie op Urk op 3 juni vorig jaar heeft georganiseerd. Bij deze explosie worden meerdere woningen vernietigd en breekt brand uit. Lange tijd is onbekend of er slachtoffers zijn. Van Opstal: ‘Aardgasincidenten staan bij ons in de top drie van warme risico’s. Juist daarom gaan we op dit soort incidenten extra investeren in het veiligheidsbewustzijn van het personeel.’

BR20170102-93786P38-AARDGAS
Pieter Pruiksma probeert vlak na de tweede explosie een beeld te vormen.

‘Geeft de pagermelding echt weer naar wat voor incident je uitrukt?’ Die vraag moet iedere brandweerman of -vrouw zichzelf volgens Van Opstal bij iedere uitruk stellen. Pieter Pruiksma, de eerste bevelvoerder bij de gasexplosie op Urk geeft aan dat deze vraag essentieel is. ‘Op mijn pager verscheen de melding van een woningbrand. Het zal wel meevallen, dacht ik eerst. Toen ik de deur uitging, zag ik al een flinke rookwolk. Vanaf dat moment weet je dat je te maken hebt met een serieuze melding, maar achteraf gezien had ik nog geen idee voor wat voor inzet we zouden komen te staan. Een van onze manschappen woont schuin tegenover het getroffen huizenblok en deelde op de kazerne zijn beeld. Toch was dat voor mij geen trigger om me af te vragen of er meer aan de hand zou kunnen zijn dan alleen een woningbrand door een gasexplosie. Als ik nu terugkijk was het plaatje volledig anders’, vertelt hij.

Beeldvorming

Ter plaatse ziet Pruiksma dat de weg open ligt vanwege werkzaamheden, dat de eerste woning door de eerste explosie volledig is verwoest en bij de tweede woning een uitslaande brand woedt. Bovendien zijn bij de tweede, derde en vierde woning de ramen gesprongen. Wat hij niet ziet is dat er uit de regenpijp tussen de tweede en derde woning een gasvlam komt. ‘Ik heb een rondom verkenning gedaan, maar dat niet gezien. Ik lette op andere zaken. We wisten niet of er slachtoffers waren, redding was dus mijn hoogste prioriteit. Het was bovendien een surrealistisch beeld, het leek net een oorlogsgebied. Je ziet zoveel dat je niet alles bewust binnenkrijgt.’

explosie

Pruiksma schaalt op naar grote brand en zet met een offensieve buiteninzet in op de brand in de tweede woning. ‘Ik wilde de brand zo snel mogelijk onder controle krijgen. Ik was bang dat anders het hele blok in vlammen op zou gaan, waarmee de over-levingskans van eventuele slachtoffers onder het puin van de eerste woning en in de andere woningen nog kleiner zou worden’, blikt Pruiksma terug.

Terwijl de eerste bevelvoerder nog bezig is met zijn verkenningsronde, volgt een tweede explosie. Ook de tweede en derde woning en een deel van de vierde woning worden verwoest. ‘Ik rook het gas wel, maar ging ervan uit dat er geen tweede explosie zou komen. Er volgde zelfs nog een derde, die konden we aan horen komen. Het rommelde en ineens sloegen bij de wegwerkzaam-heden de vlammen uit de grond. Het kwam overal omhoog. De vlam uit de wegopbreking kwam boven de huizen uit. Op zo’n moment gaat er wel wat door je heen’, erkent Pruiksma. ‘We zijn daarna de vijfde en zesde woning nog in geweest om te kijken of er slachtoffers waren. Het avondeten stond onaangetast op tafel, maar er was gelukkig niemand te bekennen. In de woningen hing een intense gasgeur en je zag horizontale scheuren in de muren. Toen we zagen dat er niemand binnen was, zijn we direct weggegaan.’

Later in de inzet, als hij bij zijn manschappen staat die de brand blussen ziet de eerste bevelvoerder belletjes uit de grond komen. ‘We stonden er toen al een paar uur. Al die tijd sta je in gevaarlijk gebied. Alles rondom het huizenblok was gevaarlijk. Je neemt risico, omdat je ervan overtuigd bent dat er slachtoffers zijn. Als je er achteraf over nadenkt, hadden eventuele slachtoffers van begin af aan geen kans gehad. De vuurlast was zo hoog, het was er zo heet en de explosie was zo hevig, dat had niemand overleefd.’

situationele Commandovoering

Doordat het incident zo complex was, ontbrak zeker in de beginfase een hiërarchische wijze van commandovoering. ‘De principes uit de nieuwe situationele commandovoering waren hier echt op z’n plaats. Een totaalbeeld vormen was een grote uitdaging. De beginfase was hectisch en door de tweede en derde explosie moest het beeld steeds worden bijgesteld. Dat gold voor mij als eerste bevelvoerder, maar ook voor de eerste Officier van Dienst (OvD)’, legt Pruiksma uit. ‘Het gaat je boven de pet. Er was in de beginfase duidelijk sprake van swarming, iedere eenheid stuurde zichzelf aan en zocht wederzijdse afstemming. Toen de tweede OvD ook ter plaatse was, veranderde dat.’

kennis en ervaring

Pas op het moment dat het energiebedrijf het gas volledig heeft afgesloten, verdwijnt het gevaar. ‘Dat heeft bijna drie uren geduurd’, aldus Van Opstal. ‘Al die tijd is in gevaarlijk en onvoorspelbaar gebied gewerkt.’ ‘Vanaf dat moment vallen de puzzelstukjes op zijn plaats. Zeker in de eerste fase neem je in een fractie van een seconde beslissingen’, vult Pruiksma aan. ‘Je handelt op basis van de kennis en ervaring die je hebt. Als die basis goed is, kun je veel incidenten aan, maar bij zo’n groot complex incident als deze is een snel totaaloverzicht vrijwel onmogelijk. Je benoemt de risico’s en denkt erover na, maar tegelijkertijd verandert er al van alles in de situatie. Je handelt op basis van wat je weet, naar eer en geweten en je leert ervan.’

Dat Pruiksma van deze inzet heeft geleerd, blijkt een week later als zijn ploeg rond hetzelfde tijdstip wordt gealarmeerd voor een gasmelding. ‘We stapten op een compleet andere manier het incident in. We hebben het gebied ruim afgezet en een veilig gebied gecreëerd. Veiligheid stond voorop. Ik weet nu de kracht van aardgas, hoe snel het zich kan verspreiden en hoe onvoorspelbaar het is.’

bewust registreren

‘Kennis is de bril waardoor je kijkt’, stelt Van Opstal. ‘Je moet continu letten op of je afwijkingen ziet van wat normaal is. Dat is tegelijkertijd ook de moeilijkheid waar je tegenaan loopt. Mensen zijn gewoontedieren. Ons primaire systeem is veelal onbewust. Slechts een klein percentage registreren we bewust. Als we dat door oefeningen en het delen van ervaring weten op te rekken, hebben we al een wereld gewonnen. Met de leertafels bijvoorbeeld proberen we collega’s die er niet bij zijn geweest de leermomenten mee te geven, zodat als zij ooit voor een vergelijkbaar incident staan ze weten wat ze moeten doen of moeten laten. Iedereen vult hierbij z’n eigen rugzak met kennis, niet als best practice maar voor de next practice.’

Door: Jildou Visser, Fotografie: Urkerland, Robert Bontkes

Andere artikelen in deze aflevering