Sporen maken slim!

Sporen maken slim!

Visser, J.

Brandonderzoek in Nederland, een vakgebied dat we in 2009 weer herontdekt hebben toen we de focus weer meer op rood hebben gezet in Nederland. Nu, elf jaar later zijn er inmiddels meer dan honderd brandonderzoekers opgeleid, doen we circa 1300 onderzoeken per jaar en zijn we state of the art op dit vakgebied in Europa samen met Tsjechië en Hongarije waar brandonderzoek al meer dan zestig jaar onderdeel is van de brandweer.

Sporen maken ons als brandweer slim. Je kunt sporen zoeken en je kunt ze achterlaten. Brandonderzoek doet beide. Als eerste wordt er natuurlijk bij incidenten gezocht naar sporen om van te leren. Want met gedegen onderzoek kunnen we ons werk beter en veiliger maken en kunnen we van meerwaarde zijn voor de veiligheid in onze samenleving. Daarnaast laten we onze sporen na. Via casuïstiek, onderzoeken en straks ook statistieken en verdiepende analyses kan iedereen de sporen volgen. Dit is belangrijke informatie voor onze eigen brandweercollega’s, voor partners in het veiligheidsdomein, voor inwoners, voor bedrijven maar zeker ook voor onderwijsinstellingen. Want samen leren van incidenten is een must. 

En ik kan wel stellen dat brandonderzoek inmiddels van onschatbare waarde is voor de doorontwikkeling van ons vak. Zonder onderzoek zijn we immers blind. Het is de motor van ons leren geworden. De insteek moet zijn dat alle korpsen van Nederland moeten kunnen beschikken over de ervaringen van alle korpsen van Nederland en Europa. En daar zorgen onze brandonderzoekers voor. De middenvelders die van onschatbare waarde zijn en de ballen op de juiste voet met de juiste snelheid aan de andere spelers geven. Onze stille krachten die anderen laten renderen en de verbindende schakels zijn in ons brandweer-elftal. ‘Je gaat het pas zien als je het doorhebt’, zei onze grootste voetballer aller tijden!

Wij als korpsen, onze Brandweeracademie en de lectoren kunnen niet meer zonder. Bij elke studie en praktijkonderzoek wordt gebruik gemaakt van de data van onze onderzoekers. Iets wat niet altijd in de schijnwerpers staat, maar bij deze is het maar een keer gezegd. Ze verdienen een podium. En dat podium kunnen we ze met deze special van Brand&Brandweer geven.

We zijn de pioniersfase voorbij, het wordt tijd dat we het als een echt vak gaan zien. We moeten het een prominente plek geven en het er niet zomaar bij doen. Leren uit de praktijk blijft nog altijd de beste leervorm. Het raakt onze operationele mensen en is van onschatbare waarde om beleid vorm te geven. Leren van de praktijk is en blijft voor ons als brandweer een unique selling point, hier moeten we veel meer gebruik van maken. Het is immers ons vak!

En het is ook mooi om te zien dat we erin geslaagd zijn om alle kerninformatie in een landelijk database te krijgen. Alle uitkomsten van de brandonderzoeken worden geregistreerd, een pareltje en uniek in Europa. Er is nog wel wat werk te verzetten maar de basis ligt er. Brandweerdata die gebruikt kan worden voor alle schakels van de veiligheidsketen, maar ook voor wetenschappelijk onderzoek. Onderzoekers en promovendi zitten te springen om goede data voor fundamenteel onderzoek binnen ons brandweervak en dat kunnen we nu leveren.

Brandonderzoek is gestart onder het motto ‘groot dromen en klein beginnen.’ Inmiddels moet het mogelijk zijn om de volgende stappen in die droom te zetten. Ik zal er een aantal noemen: verbreden van brandonderzoek naar incidentonderzoek, uitbouwen van de landelijke database, betere verbinding maken met vakbekwaam worden en blijven, nieuwe gezamenlijke onderzoeksprogramma’s opzetten en institutionaliseren van kennis en onderzoek binnen onze organisatie. En vooral dit laatste hoort bij een lerende organisatie als de brandweer. Er wordt veel gevraagd van onze onderzoekers, en terecht, maar dan moet er ook geïnvesteerd worden in dit vakgebied. Boter bij de vis.

En last but not least: misschien wel één van de belangrijkste redenen om brandonderzoek vooral verder te ontwikkelen en te professionaliseren. Brandonderzoek vertelt het verhaal van een brand. Ik weet uit eigen ervaring hoe belangrijk het is om het verhaal over een brand compleet te kunnen maken voor slachtoffers en/of nabestaanden. De CSI-rechercheurs van onze brandweer stellen sporen veilig en maken reconstructies van branden. Ze leggen alle puzzelstukjes op hun plaats en kunnen vaststellen hoe brand is ontstaan, verlopen en bestreden. Het is een zeer belangrijke schakel richting de slachtoffers. Het brandonderzoek, het verhaal van de brand, helpt bij het verwerken van de brand. Een brand heeft veel impact en de mensen voelen zich vaak schuldbewust. Door uitleg komt er inzicht en worden vaak veel belangrijke vragen beantwoord. Ik heb zelf een paar keer ondervonden dat het verhaal bij fatale branden in verzorgingshuizen is verteld. Neem van mij aan dat dit van onschatbare waarde is voor (mede)bewoners, familie en vrienden. Dit zijn de momenten waar we onze maatschappelijke meerwaarde kunnen invullen.

Als één van de founding fathers van brandonderzoek in Nederland ben ik trots op deze zomerspecial.

Wij zijn innovatief, wij delen kennis en leren elke dag weer.

Stephan Wevers

Voorzitter redactieraad

image1.jpg

Andere artikelen in deze aflevering

Wat gebruikt de brandonderzoeker waarvoor?

Brandonderzoekers komen in een speciale brandonderzoeksbus ter plaatse. Erin zit onder andere het nodige tuingereedschap, middelen voor arbeidshygiëne en meetapparatuur. Welk