Eerste inzet voorkomt overslag bij zeer grote stalbrand Nederweert

Eerste inzet voorkomt overslag bij zeer grote stalbrand Nederweert

Visser, J.

Als op 1 juni brand uitbreekt in een van de drie stallen van een varkenshouderij in Nederweert, moeten de brandweerlieden alles op alles zetten om te voorkomen dat ook de andere twee stallen in vlammen opgaan. Als de eerste eenheden ter plaatse komen is al sprake van een volledig ontwikkelde brand. De tweede stal wordt aangestraald en de dakrand begint al te smelten. Door een goede eerste inzet wordt uiteindelijk overslag voorkomen.

Fotografie Nederweert 24

image1.jpeg
Met waterschermen tussen de stallen en de inzet van de hoogwerker wordt geprobeerd brandoverslag naar de naastgelegen stal en de voedersilo’s aan de voorkant te voorkomen.

Eerste bevelvoerder Huib van Deursen wordt die middag om 13.59 uur gealarmeerd voor een brand agrarisch. Als hij bij de kazerne aankomt, leest hij om welke locatie het gaat. ‘Die was me bekend’. In maart zijn we daar ook al eens geweest voor een klein brandje.’ Dit keer ziet hij in de verte al een grote rookkolom. ‘Vanaf de kazerne was het al zichtbaar. Dan weet je dat de brand zich enorm heeft ontwikkeld’, vertelt Van Deursen. De meldkamer schaalt op basis van de meldingen op naar middelbrand en laat een extra waterwagen aanrijden. Daarnaast hoort de eerste bevelvoerder van de meldkamer dat er een geboorde put aan de voorkant van het terrein beschikbaar is. ‘Dat is altijd fijn. Meestal is de watervoorziening bij stalbranden een probleem. In dit geval gelukkig niet.’ Niet veel later schaalt Officier van Dienst (OvD) Henk Gubbels op naar grote brand en zeer grote brand. Hij is dan nog aanrijdend en ziet een enorme rookwolk over de A2 trekken naar de buurregio’s. Dat is voor hem eveneens aanleiding GRIP1 af te kondigen.

image2.jpeg
De voedersilo’s staan dicht op de brandende stal. De hoogwerker is net ter plaatse en wordt ingezet op het voorkomen van overslag.

Overslag voorkomen

Ter plaatse ziet Van Deursen dat de rechter stal van ongeveer tweehonderd bij veertig meter, van voor tot achter in brand staat. ‘We hadden geen enkele kans meer om de dieren te redden.’ Aan de achterzijde ziet hij dat tussen de uitbouw van de brandende stal en de naastgelegen stal ongeveer vijf meter zit. De kans is groot dat de brand op die plek gaat overslaan. ‘Gelukkig stond de wind de andere kant op, maar de hittestraling was enorm. De beplating en de dakranden waren al aan het smelten. Als we vijf minuten later waren geweest, was ook de tweede stal in vlammen opgegaan’, aldus Van Deursen. ‘We hadden genoeg water voor handen. Er was een grote vijver achter de stal waar we het water uit konden winnen.’ De eerste bevelvoerder besluit zijn manschappen in te zetten op het voorkomen van overslag aan de achterzijde. Daar woedt de brand op dat moment het hevigst. Ook de tweede TS wordt daarop ingezet. Zij plaatsen een waterscherm tussen de twee stallen. ‘Dit werkte, met het waterscherm nam het effect van de hittestraling voldoende af om verdere overslag te voorkomen.’

Dan komt ook Gubbels ter plaatse. Hij ziet dat aan de voorzijde de intensiteit toeneemt en overslag dreigt. Daar staan de voedersilo’s tussen beide stallen in. De afstand tussen de stallen is ongeveer zes meter, de voedersilo’s staan ertussenin. ‘De eerste twee bevelvoerders vertelden me dat zij aan de achterzijde probeerden overslag te voorkomen. Dat lukte aardig. Aan de voorzijde heb ik daarom de derde TS en de ladderwagen ingezet op het voorkomen van overslag. Met de torenstraal lukte het goed om de silo’s te beschermen. De vierde TS heb ik ingezet op de andere hoek aan de voorzijde.’ Daarnaast treft de OvD de eigenaar van de varkenshouderij. ‘Hij liet me weten dat er zonnepanelen op het dak lagen, dat er geen asbest aanwezig was en dat er geen verbindingen zaten tussen de brandende stal en de naastgelegen stallen. Dat was een opluchting. Dat maakte de kans een stuk groter dat we de overige twee stallen konden redden. De windrichting was gunstig, die stond van de stallen af. Voor de zekerheid heb ik de boer wel gevraagd of hij in zijn andere stallen de ventilatie kon uitschakelen. Ik wilde voorkomen dat er rook die stallen ingeblazen zou worden.’

Mengkamer

Zodra de ingezette eenheden aan de voorzijde de voedersilo’s weten af te schermen en aan de achterzijde de naastgelegen stal, verschuift het zwaartepunt naar de mengkamer. Deze zit in het voorste deel van de brandende stal. Gubbels: ‘Daar zagen we de brand toenemen. We hebben zoveel mogelijk waterschermen tussen die locatie en de naastgelegen stal geplaatst. Het voordeel is dat er dan niet continu mensen tussen hoeven te staan. Met dat watergordijn hebben we flink wat hittestraling afgevangen.’

Zodra alle hoeken en aangrenzende panden zijn afgeschermd, weet Gubbels dat hij de brand onder controle heeft. Toch durft hij op dat moment nog niet het sein brand meester te geven. ‘Ik wist dat het in de mengkamer nog brandde. Daar lagen veel granen en soja opgeslagen. Met die oliehoudende producten, weet je dat de brand nog een flinke tijd kan oplaaien. Om de exacte locaties daarvan in kaart te brengen, hebben we het droneteam laten komen. Zij hebben beelden gemaakt van de hotspots die er op dat moment nog waren.’ Die beelden bevestigen het beeld dat Gubbels al heeft. Onder de dakplaten woedt dan nog een brand. Die kan alleen worden geblust als de afgebrande stal wordt gesloopt.

Hij bestelt een graafmachine en een grijper. De eerste inzet ermee is erop gericht om de mengvoerkamer te slopen, zodat de resterende brandhaarden daar kunnen worden afgeblust. Daarnaast wordt ook de luchtwasser aan de achterzijde gesloopt. ‘Dat waren de delen waar de grootste risico’s aan vast hingen. Toen die gesloopt waren, wisten we dat de brand niet opnieuw zou oplaaien. We hebben toen vanwege de duisternis besloten te stoppen en een dag later de rest van de stal te slopen en af te blussen.’

Leerpunten

Zowel Van Deursen als Gubbels kijken tevreden terug op de inzet. ‘De eerste twintig minuten waren behoorlijk spannend. De focus lag volledig op het voorkomen van overslag, daarmee hebben we weten te voorkomen dat de naastgelegen stallen bij de brand betrokken zijn geraakt’, vertelt Van Deursen. ‘Daarnaast hebben we ook echt een veilige inzet gedraaid. Met de inzet van waterschermen tussen de twee stallen, voorkom je dat je manschappen daar continu moeten staan. Het voorkomt risico’s. Vanwege de hitte heb ik daarnaast twee TS’en uit het tweede peloton vanaf de uitgangsstelling laten overkomen. Hoewel het een redelijk statische inzet was, moet je de warmte niet onderschatten. Met die twee extra TS’en konden we manschappen rouleren, zodat iedereen regelmatig tijd had om te drinken en af te koelen’, vult Gubbels aan. ‘En ik ben ontzettend blij dat deze eigenaar vooraf goed heeft nagedacht over het bluswater op zijn terrein. Als de geboorde putten en de vijver er niet waren geweest, hadden we een gigantisch probleem gehad.’

Punt van aandacht is volgens Van Deursen het onderling overleg. ‘De afstanden waren zo groot. Het was onmogelijk om fysiek bij elkaar te komen, dat maakt het toch lastiger om een gedeeld beeld te krijgen.’

image3.jpeg
Tussen de stallen aan de voorzijde zit ongeveer zes meter. De voedersilo’s staan tussen de stallen in.

Andere artikelen in deze aflevering