Natuurbranden Australië, een jaar later

Natuurbranden Australië, een jaar later

Visser, J.

Een jaar geleden braken in Australië de eerste van een hele serie natuurbranden uit. Dat deze branden tot en met maart zouden duren, durfde op dat moment nog niemand te bevroeden. In totaal is twaalf miljoen hectare natuur verwoest, de oppervlakte van bijna drie keer Nederland. 33 personen zijn in de vlammen omgekomen en naar schatting zijn drie miljard dieren omgekomen of ontheemd door de branden. Hoe is de situatie nu in het land? Waardoor zijn deze branden zo immens groot geworden? Waarop ligt de focus van de lopende onderzoeken? En hoe bereidt het land zich voor op een nieuw natuurbrandseizoen?

Natuurbranden zijn Australië niet vreemd. ‘Het behoort hier tot de normale natuurlijke cyclus. Al duizenden jaren heeft Australië te maken met natuurbranden. Naarmate we de bebouwing meer in bebost gebied vormgeven, lopen steeds meer mensen bij natuurbranden gevaar. De laatste jaren hebben we te maken met grotere en intensere natuurbranden’, begint Richard Woods, natuurbranddeskundige uit Australië. ‘Vorig jaar was uitzonderlijk, omdat we al in het begin van het voorjaar in het oosten van het land te maken kregen met extreme droogte. De graslanden en bossen waren uitgedroogd. Daar kwam bij dat de temperatuur veel sneller opliep dan normaal. Het vocht dat nog in de natuur aanwezig was droogde daardoor sneller op. Vanaf november kregen we te maken met extreme hitte. Al met al een goed recept voor de extreme bosbranden zoals we die hebben gehad.’

1.png
Foto’s: Shutterstock.com

24 Australie_0920-image1
Richard Woods

Het natuurbrandseizoen beweegt zich normaal gesproken in Australië van het noorden naar het zuiden. Afgelopen jaar begonnen de eerste branden in augustus, het begin van het voorjaar. ‘Toen zagen we al dat die eerste branden in het vroege voorjaar zich gedroegen als een natuurbrand in de zomer. Brandweerlieden kregen te maken met extreme omstandigheden. Op afgelegen plaatsen ontstonden branden door droge onweersstormen, met veel bliksemschichten, en werden aangewakkerd door de harde wind. Regen viel er niet. Dat maakt de brandbestrijding ook bijzonder moeilijk. Onder die omstandigheden hebben de natuurbranden zich gedurende de zomermaanden snel uitgebreid tot bijna alle staten: Queensland, Victoria, New South Wales, Tasmanië, Western Australia en South Australia’, vertelt Woods. ‘Normaal gesproken woeden natuurbranden ongeveer een week, daarna veranderen de weersomstandigheden. Het wordt dan koeler, de luchtvochtigheid stijgt en de regen helpt de branden in te perken. Dat was nu niet het geval. We hebben tot maart moeten wachten op een omslag in het weer. Dat was ook het moment dat we de situatie onder controle konden krijgen en de branden konden blussen.’ In totaal zijn duizenden brandweerlieden ingezet. Het land kreeg daarbij ook hulp van brandweerlieden uit Nieuw-Zeeland, Canada en de Verenigde Staten.

Onderzoeken

In het land worden momenteel op drie verschillende niveaus onderzoeken gedaan. Over de conclusies daarvan kan Woods nog niets zeggen, omdat de onderzoeken nog lopen. Bij het landelijke onderzoek ligt de nadruk op alle natuurrampen en hoe de landelijke overheid iedere staat daarin bij kan staan, met name op het gebied van bijstand bij de brandbestrijding. Woods: ‘Iedere individuele staat is in Australië verantwoordelijk voor de eigen brandweer. Normaal gesproken vragen ze de aangrenzende staten bijstand op het moment dat het nodig is. In dit geval hadden staten tegelijkertijd bijstand nodig, ze hadden allemaal te maken met hun eigen grote natuurbranden.’

24 Australie_0920-image2
Veel branden ontstonden door droge onweersstormen met veel bliksemschichten.

De onderzoeken op het niveau van de individuele staten richt zich met name op de tactische inzet en hoe deze kan worden verbeterd. Zijn de natuurbrandbestrijdingsvliegtuigen effectief ingezet? Zijn de operationele plannen gevolgd en waren deze passend? Hebben alle betrokken organisaties goed samengewerkt? Zijn de natuurbrandbeheersingsstrategieën, gericht op het beperken van de vuurlast, goed toegepast? ‘Ieder jaar wordt veel energie gestoken in het beperken van de vuurlast in de natuur. Dit is één van de belangrijkste componenten om natuurbranden beheersbaar te houden. We proberen stoplijnen aan te leggen rond bebouwing, paden aan te leggen in afgelegen gebieden om deze voor brandweervoertuigen bereikbaar te houden en geven educatie aan bewoners van risicogebieden. Dit alles is erop gericht om schade aan eigendommen beperkt te houden en slachtoffers te voorkomen. Het lastige van vorig jaar is dat de periode van juni en augustus, waarin we normaal gesproken natuur wegbranden om stoplijnen te creëren, te droog was. De risico’s van het voorbranden waren daarmee te groot’, vertelt Woods. Daarnaast wordt in de onderzoeken van de staten ook gekeken naar het gedrag van de bevolking. Ook daarin is volgens de natuurbrandexpert nog een wereld te winnen. ‘We investeren in het informeren van de bevolking dat ze weten wat ze moeten doen op het moment dat er een grote natuurbrand uitbreekt. Toch zien we dat een deel van de mensen denkt: “het gebeurt me toch niet.” Daar moet dus goed naar gekeken worden.’

Het derde niveau waarop de onderzoeken plaatsvinden is lokaal, laat Woods weten. Daarbij worden natuurbeheerders, brandweerkorpsen en lijkschouwers betrokken. Zij kijken naar wat lokaal bij branden is gebeurd. ‘Onder welke omstandigheden zijn mensen omgekomen? Wat kunnen we daarvan leren? En hoe kunnen we de inrichting van het gebied zo aanpassen dat de impact van een brand op een stad of dorp wordt verkleind en wordt voorkomen dat mensen ingesloten raken door het vuur.’

Situatie nu

Hoewel de onderzoeken nog lopen, staat een nieuw natuurbrandseizoen voor de deur. Betekent dat ook dat de situatie van vorig jaar zich kan herhalen? ‘Nee, dat ligt niet voor de hand’, reageert Woods. ‘Sinds maart hebben we veel regen gehad. Soms zelfs met overstromingen tot gevolg. De natuur is dus veel natter dan in deze periode vorig jaar. Dat maakt de kans op een herhaling klein.’ Toch betekent dat niet dat zich geen grote natuurbranden voor kunnen doen. ‘In het binnenland hebben we grote graslanden. Door de overvloedige regenval groeit het gras extreem momenteel. Als de regen blijft vallen, is dat geen probleem. In het geval dat de weerscondities veranderen en er over een paar maanden droogte ontstaat, dan kan de situatie zomaar veranderen en kunnen we te maken krijgen met grote branden in de graslandgebieden. De balans tussen de ideale omstandigheden komt hier heel precies.’

Ook als Woods kijkt naar de brandweerorganisatie is het voor het land te hopen dat de branden van vorig jaar zich voorlopig niet herhalen. De langdurige natuurbrandbestrijding heeft extreem veel gevraagd van alle brandweerlieden. ‘De impact was enorm. Iedereen was gesloopt door het maandenlange harde werken en bijna iedereen heeft wel traumatische situaties meegemaakt van het zelf ingesloten raken door het vuur, het verliezen van collega’s die zijn omgekomen tot het moeten redden van mensen uit hun huis. Om al deze ervaringen een plek te kunnen geven is er psychische ondersteuning geregeld. Tegelijkertijd draait de brandweer in ons land uitsluitend op vrijwilligers. Die kregen, doordat ze een lange tijd niet bij hun werkgever inzetbaar waren, ook te maken met grote financiële uitdagingen. Als je niet werkt, heb je immers ook geen inkomen.’

Toch is het niet alleen kommer en kwel bij de brandweer in Australië. ‘Het drukke natuurbrandseizoen heeft er ook voor gezorgd dat de hele bevolking het belang van een goede brandweerorganisatie ziet’, laat Woods weten. ‘We merken dat er veel interesse is en dat de toestroom van vrijwilligers momenteel groot is. We zijn dus druk bezig met het opleiden van nieuwe mensen. Wel is het hopen dat het een rustig natuurbrandjaar wordt, dan kan iedereen even bijkomen en kunnen we, als de onderzoeken straks klaar zijn, werken aan het doorvoeren van alle lessen die we kunnen leren.’

Bijstand aan Californië

Vanaf eind augustus woeden immens grote bosbranden in Californië in de Verenigde Staten. Deze branden zijn volgens Woods vergelijkbaar met die in Australië vorig jaar. ‘Ook hier lopen lokale brandweerkorpsen ertegenaan dat de branden te groot zijn en de middelen beperkt. De gouverneur van Californië heeft de Australische brandweer een verzoek om bijstand gedaan. De tijd om bij te komen van de heftige periode van vorig jaar is dus voorbij.’

Andere artikelen in deze aflevering