Veel overlap tussen nationale en internationale basisprincipes

Veel overlap tussen nationale en internationale basisprincipes

Visser, J.

In de eerste helft van dit jaar behandelden we in Brand&Brandweer de Nederlandse basisprincipes van brandbestrijding. Vorig jaar zijn tijdens de International Fire Instructors Workshop (IFIW) ook acht internationale niet onderhandelbare basisprincipes vastgesteld. Deze zijn, net als de Nederlandse basisprincipes, bedoeld om het vak veiliger te maken. ‘Het belangrijkste verschil is dat de Nederlandse basisprincipes echt de basis zijn. Internationaal is men soms wat verder en wordt dus ook gekeken naar andere zaken. Dat sommige onderdelen nog niet in onze basisprincipes zijn benoemd, wil niet zeggen dat we ze nog niet toepassen. De internationale basisprincipes zijn al voor een groot deel in Nederland geïmplementeerd, maar er is ook nog werk aan de winkel’, vertelt Siemco Baaij van CFBT-NL. Hij was vorig jaar betrokken bij de totstandkoming van de internationale basisprincipes.

‘Ik denk dat we in Nederland heel ver zijn als we kijken naar de manier waarop we de brandweerorganisatie hebben ingericht en hoe we zowel de nationale als de internationale basisprincipes vorm hebben gegeven. Dat komt ook doordat we in Nederland met Brandweer Nederland één overkoepelende brandweerorganisatie hebben en één nationale Brandweeracademie. Dat maakt het makkelijker landelijk dingen door te voeren. In andere landen zie je soms meerdere academies en nationale, regionale en statelijke brandweerorganisaties’, aldus Baaij. ‘Daarnaast heb je te maken met cultuur- en organisatieverschillen en verschillen in procedures waardoor een internationaal principe soms niet altijd direct in te passen is. Neem bijvoorbeeld het internationale principe dat iedere brandweerman of -vrouw een warmtebeeldcamera bij zich moet hebben. Dat is in Nederland niet direct te realiseren, want dat vraagt ook wat van de financiële mogelijkheden. Er hangt een behoorlijk prijskaartje aan. Op dit punt kun je je afvragen hoever je wilt gaan. Over het algemeen denk ik dat we kunnen stellen dat het goed is als we eerst de Nederlandse basisprincipes tot een automatisme maken en dan pas nieuwe principes gaan toevoegen. Het moet immers ook werkbaar blijven.’

De acht internationale basisprincipes:

1. Zo snel mogelijk water op het vuur.

2. Doe een 360 graden verkenning.

3. Beoordeel bij iedere opening of je verder kunt.

4. Koel de rook.

5. Blijf laag.

6. Identificeer de stroming van rook en lucht / sluit alle openingen voorafgaand aan de brandbestrijding.

7. Commandovoering moet gebaseerd zijn op duidelijk omschreven doelstellingen.

8. Alle brandweerlieden binnen hebben een warmtebeeldcamera en de kennis om die correct te gebruiken .

image1.png
image2.png

image3.png

Anders omschreven

In de internationale basisprincipes zitten een aantal uitgangspunten die met andere woorden ook in de Nederlandse basisprincipes zijn vastgesteld. Denk daarbij aan het zo snel mogelijk water op het vuur brengen. Maar ook het uitvoeren van een 360 graden verkenning en het sluiten van alle openingen voorafgaand aan de brandbestrijding. In de Nederlandse basisprincipes zijn deze laatste twee benoemd onder het doen van een buitenverkenning met de bijbehorende vragen en het toepassen van antiventilatie. Baaij: ‘Een deel van de internationale basisprincipes is dus wel degelijk verweven in de Nederlandse praktijk, zonder dat het letterlijk zo benoemd is.’

Gaat een stap verder

Naast de internationale basisprincipes die in de Nederlandse net anders zijn verwoord, zijn er ook internationale basisprincipes die een stap verder gaan dan de Nederlandse. Dit komt met name doordat de Nederlandse principes uitgaan van kleine gebouwen, zoals woningen. Neem bijvoorbeeld de beoordeling bij iedere opening of je verder kunt. ‘In de Nederlandse basisprincipes hebben we opgenomen dat je niet naar binnen gaat voor je weet waar de brand zit en je genoeg koelend vermogen hebt. Daarbij gaan we uit van een klein, niet te ingewikkeld gebouw. Het internationale basisprincipe gaat een stap verder. Als het gebouw groter of ingewikkelder is, is het goed om niet alleen bij de buitendeur te beoordelen of je naar binnen kunt, maar bij iedere opening te beoordelen of je verder kunt’, aldus Baaij. ‘Hier kun je dus stellen dat de internationale een verdieping is van de Nederlandse. Dat geldt ook voor het zevende internationale basisprincipe, de commandovoering. Hierin kunnen we nog een flinke slag maken. De afgelopen jaren zijn weliswaar met de situationele commandovoering al flinke stappen gezet, maar het omschrijven van doelstellingen kan concreter.’

Niet benoemd, wel verwerkt

Daarnaast zijn er ook internationale basisprincipes die niet in de Nederlandse zijn benoemd maar wel op een andere manier zijn verwerkt. Denk daarbij aan het principe om bij een binneninzet laag te blijven. ‘De gedachte achter dit principe is dat rook brandstof is en dat het dus niet verstandig is om rechtop te lopen, met je bovenlichaam door de rook. Het is beter om je onder de rooklaag door te bewegen. Je houdt dan ook beter zicht en vermindert de hitteopbouw in je lichaam. In de nieuwe manschappenopleiding is dit principe verwerkt. Nieuwe manschappen wordt geleerd om laag voort te bewegen. Een goede ontwikkeling’, vindt Baaij. ‘Wat mij betreft wordt dit ook verwerkt in een bijscholing voor alle al zittende manschappen.’

image7.jpeg
Beoordeel bij iedere opening of je verder kunt. Neem daar tijd voor.

image8.jpeg
Als de brandhaard van buitenaf bereikbaar is en er is voldoende koelend vermogen aanwezig, heeft het van buitenaf blussen de voorkeur.

Kennis is een must

Zowel de Nederlandse als de internationale basisprincipes zijn volgens Baaij niet onderhandelbaar. ‘Dit is de strategie die we moeten hanteren. De basisprincipes zijn gestoeld op internationale wetenschappelijke kennis en daardoor goed onderbouwd. Ik denk ook dat we goed de slag hebben kunnen maken van het theoretische wetenschappelijke naar de dagelijkse praktijk. De uitdaging is nu om die te laten landen op de werkvloer. De principes moeten erin slijpen. Pas op het moment dat deze basisprincipes een automatisme zijn, kunnen we verder kijken. Internationaal hadden we een hele lijst met principes waarvan we vonden dat die tot de basis moest horen, maar we moeten ook oppassen dat we niet te veel regels maken. Brandbestrijding is nou eenmaal een praktisch vak in een dynamische omgeving. Tegelijkertijd moeten we er aan de andere kant ook voor waken dat dit is wat het is.

image4.png
image5.png
image6.png

Kennis is en blijft een must. Dat betekent ook dat als we nieuwe inzichten opdoen, we die ook moeten verwerken.’

Goede weg

Baaij merkt dat door andere landen naar Nederland wordt gekeken. ‘We zijn echt op de goede weg. Dat komt ook doordat we vanuit de internationale basisprincipes Nederlandse principes hebben vormgegeven die we een structurele plek geven. Die worden verwerkt in doctrines en in de opleidingen. We mogen er best trots op zijn dat we in zo’n korte tijd het zo’n structurele plek hebben weten te geven.’

De vijf Nederlandse basisprincipes:

De vijf principes van brandbestrijding zijn: 

1. Neem meer tijd (stop en denk na).

2. Doe een buitenverkenning, met als doel de brandruimte van buiten te vinden en de brand van buiten te blussen.

3. Beantwoord drie vragen tijdens de buitenverkenning: 
a. Waar zit de brand? 
b. Is de brand (van buitenaf) bereikbaar? 
c. Is er voldoende koelend vermogen? 
Als de brand van buitenaf kan worden gevonden, van buiten bereikbaar is en er voldoende koelend vermogen is, dan kan de brand van buitenaf worden geblust. Als dat niet kan, dan is het gebouw in principe verloren en moeten we defensief inzetten. Dit geldt in elk geval voor grote gebouwen. 

4. Als het gaat om een klein gebouw zoals een woning, of een gebouw met kleine ruimten, en er is voldoende koelend vermogen, dan is een offensieve binneninzet in het algemeen veilig mogelijk onder voorwaarden. Handel in dat geval zo: 
a. Denk in termen van de branddriehoek.
b. Pas deurcontrole toe.
c. Pas indien mogelijk of nodig antiventilatie toe (houd het gebouw dicht).
d. Pas bij een uitslaande brand indien mogelijk een offensieve buiteninzet (voorheen transitional attack) toe. 
e. Breng zo snel mogelijk water op het vuur. 
f. Denk aan beperkingen van rookgaskoeling: kortste afstand naar de brand.

5. Schat het potentiële brandvermogen in en neem voldoende koelend vermogen mee. Gebruik de vuistregels voor (potentieel) brandvermogen en benodigd koelend vermogen.

image10.jpeg
Het gebruik van een warmtebeeldcamera is in Nederland wel gangbaar, maar nog niet opgenomen in de standaard uitrusting.

image9.png

image11.png

Andere artikelen in deze aflevering

Vooruitkijken tijdens COVID-19

Het zomernummer van Brand&Brandweer was helemaal gewijd aan COVID-19. Prachtig om te lezen hoe we in alle regio’s flexibel zijn omgegaan met de uitdagingen die dat (nog steeds) met zich meebrengt en d...