Actueel

Actueel

Veiligheid onder druk door klimaatverandering

Het rapport Klimaatsignaal ‘21 van het KNMI waarschuwt voor de impact van de snelle klimaatverandering op de (maatschappelijke) veiligheid. Om hier goed op te kunnen anticiperen, gaan kennisinstituten hun krachten bundelen.

Een stijgende zeespiegel, een toename van droge lentes en zomers en meer extreme zomerse buien vormen klimaatrisico’s voor Nederland. Ze vergroten bovendien de kans op zogenaamde domino-effecten. Een windhoos of natuurbrand kan naast lokale schade ook tot uitval van bijvoorbeeld het elektriciteitsnet leiden. Dit heeft niet alleen effect voor hulpdiensten en overheden, maar ook voor partijen als waterschappen, Rijkswaterstaat, ministeries en de beheerders van onze energievoorzieningen.

Genoeg aanleiding voor KNMI en andere kennisinstituten om nog actiever bij te dragen aan kennis, onderzoek en verbinding. Zo start het IFV een onderzoek met het KNMI, Wageningen University & Research en Deltares om de toename van het natuurbrandrisico beter inzichtelijk te maken. De klimaatverandering maakt ook deel uit van de toekomstverkenning die door het IFV wordt uitgevoerd voor zowel brandweer als crisisbeheersing.

Zeeland oefent grootschalig brandweeroptreden in havengebied

Na een periode van online trainen konden bijna veertig operationeel officieren bij brandweer Zeeland eindelijk weer ‘live’ oefenen met een grootschalig brandweeroptreden. Dat gebeurde in het havengebied van Vlissingen/Borsele (North Sea Port). De officieren gingen verdeeld over drie series van drie trainingsdagen aan de slag met omvangrijke scenario’s. Een bus fungeerde daarbij als Informatie en Coördinatie Brandweer (ICB). Hier werden informatie, foto’s, schetsen van de situatie en structuurkaarten gedeeld via crisismanagementsysteem LCMS.

10_BB12_Actueel.html-image1
Virtuele oefening met vuurzee en rookontwikkeling in havengebied North Sea Port.

Foto Brandweer Zeeland

Landelijke taskforce hoogbouw

Een landelijke taskforce gaat onderzoeken wat de mogelijkheden zijn om de brandveiligheid te verbeteren en het brandveilig gebruik in hoge gebouwen. Dat hebben commandanten en directeuren van de veiligheidsregio’s eind oktober besloten.

Aanleiding voor de taskforce is de toename van hoogbouw in Nederland in de afgelopen tien tot vijftien jaar, zegt voorzitter Esther Lieben van de nieuwe taskforce. De landelijk portefeuillehouder incidentbestrijding vroeg al eerder aandacht voor het ‘ondoordacht dichtbouwen van steden’, omdat dit de brandweer in de problemen zou brengen. Lieben vindt dat de brandweer te laat wordt betrokken bij deze ontwikkelingen. Terwijl die wel grote impact hebben op het werk van de brandweer. De taskforce wil op hoog bestuurlijk en politiek niveau aandacht vragen voor de brandveiligheid van hoogbouw.

Onderwijspilot voor doorstroom jeugd- naar reguliere brandweer

De pilot Manschap voor jeugdbrandweer moet het voor leden van de jeugdbrandweer eenvoudiger maken om door te stromen naar de reguliere brandweer. De pilot start in Twente en Limburg-Noord.

In de pilot krijgen jongeren van de jeugdbrandweer een deel van dezelfde les- en leerstof als de manschap-opleiding bij de brandweer. Zo kan het onderdeel Brandbestrijding al tijdens de jeugdbrandweerjaren worden afgerond met een geldig examen. Jeugdleden snijden op deze manier een stuk van de opleiding af en stromen ze direct in bij het tweede deel van de manschap-leergang: Technische Hulpverlening (THV), Incidenten met Gevaarlijke Stoffen (IBGS) en Waterongevallen (WO). Zo zijn ze sneller inzetbaar.

Om de manschap-opleiding geschikt te maken voor de jeugd is vanuit Stichting Brandweeropleidingen BOGO een opleidingsontwikkelaar aangetrokken. Zij ontwerpt de hele opleiding in samenwerking met de jeugdbrandweercoördinatoren van de twee pilotregio’s Limburg-Noord en Twente. Samen kijken ze naar wat de kinderen qua les- en leerstof het beste aankunnen, wat er bij welke leeftijd past en hoe het geheel binnen de jeugdbrandweer past. Met Bureau Toezicht Examinering en Certificering (TEC) bestaat een nauwe samenwerking om de geldigheidsduur van behaalde resultaten te verlengen. Als de pilot succesvol is, wordt gekeken of andere regio’s ook kunnen en willen starten met deze onderwijsvorm.

10_BB12_Actueel.html-image2
Er is een animatie gemaakt over de pilot Manschap voor jeugdbrandweer.

Veroordeling man die zendmasten in brand stak

Een man die in april 2020 twee 5G-zendmasten in brand stak in Veldhoven, is veroordeeld tot 270 dagen gevangenis, waarvan 232 dagen voorwaardelijk. Ook krijgt hij een taakstraf van 120 uur en moet hij 41 duizend euro schadevergoeding betalen.

De rechter in Den Bosch week daarbij af van de eis van het Openbaar Ministerie (OM), die minder gevangenisstraf (180 dagen) en meer taakstraf (240 uur) had geëist. Begin april 2020 werden in korte tijd, verspreid over Nederland, twaalf zendmasten voor mobiele telecommunicatie in brand gestoken. De schade kan per zendmast al snel in de honderdduizenden euro’s lopen als er kabels, installaties en de antennes door brand beschadigd zijn.

De brandstichtingen werden als een dusdanig groot gevaar gezien dat de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid vreesde dat het telecommunicatienetwerk door de branden ernstig verstoord zou raken waardoor hulpdiensten onbereikbaar zouden worden. In het geval van Veldhoven ontstond daadwerkelijk een storing waardoor mensen niet konden bellen of internetten.

De politie tast in eerste instantie in het duister over de dader(s) van de zendmastbranden. Een rode aansteker met DNA-sporen leidt vervolgens naar de man in Veldhoven, die al eens eerder met justitie in aanraking kwam en zich op social media actief mengt in anti-5G-groepen. Tegenover de rechter geeft hij aan dat hij depressief is sinds hij weet dat de getroffen internetproviders 113.000 euro schade claimen, schrijft BN/De Stem. De man, die leidt aan een autismespectrumstoornis, moet van de rechtbank meewerken aan behandeling. Ook mag hij niet in of nabij zendmasten in Nederland komen.

Brandweer ervaart minder gevaar dan kok

In de top 10 van gevaarlijke beroepen staat de brandweer samen met de politie op plaats 5. Beide beroepsgroepen eindigen onder vrachtwagen- en buschauffeurs en procesoperators. Koks staan op 1; zij geven het vaakst aan dat hun werk gevaarlijk is. Dit blijkt uit de Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden (NEA), die in het laatste kwartaal van vorig jaar werd uitgevoerd door het CBS en TNO.

In 2020 zei 12,8 procent van alle werknemers van 15 tot 75 jaar vaak of altijd gevaarlijk werk te doen. Een daling, want in pre-coronajaren 2018 en 2019 was dit bijna 16 procent. Van alle werknemers kwam 14,4 procent tijdens het werk een enkele keer in een gevaarlijke situatie terecht. Bij de overgrote meerderheid (72,7 procent) was dit nooit het geval. Mannen doen vaker gevaarlijk werk dan vrouwen. Zo deed in 2020 17,5 procent van de mannen vaak of altijd gevaarlijk werk. Bij vrouwen was dit 7,7 procent.

Werknemers die aangeven vaak of altijd te maken te hebben met gevaarlijke situaties op het werk, hebben ook relatief vaak een arbeidsongeval met lichamelijk letsel of geestelijke schade. In 2020 was 9,3 procent van hen slachtoffer van een arbeidsongeval. Bij werknemers die nooit gevaarlijk werk doen was dat 1,0 procent. Werknemers met gevaarlijk werk verzuimen ook vaker als gevolg van een arbeidsongeval. Van de werknemers die vaak of altijd gevaarlijk werk deden was 4,5 procent slachtoffer van een arbeidsongeval dat leidde tot minimaal één dag verzuim. Bij werknemers die nooit gevaarlijke werkzaamheden uitvoeren was dit 0,5 procent.

10_BB12_Actueel.html-image3
Politie en brandweer eindigden in het onderzoek op plaats 5.

Foto Shutterstock

Rol veiligheidsregio’s in landelijke cyberoefening ‘onwennig’

Hoe pakten de veiligheidsregio’s hun rol in de landelijke cyber­oefening (Isidoor-3) die in juni plaatsvond? Het IFV evalueerde de deelname en constateerde dat het voor de crisisfunctionarissen deze eerste keer op een aantal punten nog ‘onwennig’ was.

Voor de veiligheidsregio’s was het de eerste keer dat zij meededen aan de cyberoefening, georganiseerd door het NCTV. In totaal waren 80 operationele diensten en 1.500 mensen bij Isidoor-3 betrokken, waaronder de Rijksoverheid, uitvoeringsorganisaties, vitale partners en professionals op het gebied van cybersecurity.

De cyberoefening simuleerde een digitale crisis die uit meerdere soorten cyberaanvallen bestond. De fysieke gevolgen voor de samenleving waren groot: geen of vervuild drinkwater, uitval van energie en digitaal betaalverkeer, en een verstoring van de transportsector. Het IFV bekeek hoe de informatie werd uitgewisseld en hoe bovenregionaal werd afgestemd. Een ander punt was of de huidige kennis en afspraken voldoende zijn voor een crisis van deze omvang.

De operationele crisisteams waren zich bewust van de eigen rol en verantwoordelijkheid, constateert de evaluatie, en weerstonden de neiging om direct tot actie over te gaan. Wel bleek het voor de veiligheidsregio’s lastig informatie van en afstemming met de vitale partners te vinden, waardoor onduidelijk bleef wat de mogelijke risico’s op het optreden van maatschappelijke effecten was.

Voor de veiligheidsregio’s, het landelijk operationeel crisiscentrum LOCC en het cyber-inlichtingencentrum VR-ISAC was het de eerste keer dat zij oefenden met een grootschalig cyberscenario. Voor crisisfunctionarissen was dat onwennig. ‘De operationele crisisteams moesten een spel spelen, zonder dat zij de regels van het spel kenden.’ Het IFV adviseert onder meer voor specialistische cyberexpertise in het operationeel team en kleinschalige oefeningen om crisisfunctionarissen bekend te maken met cyberplannen, actoren en basisterminologie.

10_BB12_Actueel.html-image4
De veiligheidsregio’s deden voor het eerst mee aan de landelijke cyberoefening.

Foto Shutterstock

Strengere eisen aan veehouders vanwege stalbranden

Veehouderijen worden de komende jaren verplicht meer maatregelen te nemen om stalbranden en diersterfte te voorkomen. Dat heeft demissionair minister van Landbouw Schouten aangekondigd. Het aantal stalbranden is de afgelopen jaren niet afgenomen en het aantal dieren dat bij branden sterft, is juist toegenomen.

In maart van dit jaar constateerde de Onderzoeksraad voor Veiligheid dat de overheid strengere eisen moet stellen. Hieraan komt de demissionaire minister nu tegemoet. Aan grotere veehouderijen worden hogere brandveiligheidseisen gesteld, zoals het maximum aantal dieren dat in een afgesloten staldeel mag staan. Ook voor nieuw te bouwen stallen komen daar normen voor.

Van veel stalbranden wordt de oorzaak nooit duidelijk, maar elektra of slecht aangelegde installaties voor zonne-energie worden vaak als oorzaak aangewezen. Voor alle veehouderijen komt er daarom een plicht om de installaties jaarlijks visueel te laten keuren. Grote veehouderijen moeten om de drie jaar een uitgebreide elektrakeuring laten uitvoeren. De rest van de bedrijven moet dat om de vijf jaar laten doen. Voor de stallen van grote veehouderijen komt er een verplichting om tussen de elektrische installatie en de ruimte waar de dieren staan brandwerend materiaal te plaatsen dat minstens zestig minuten standhoudt. Ook moeten deze bedrijven een branddetectiesysteem gaan aanleggen. In 2024 moet op elke grote veehouderij iemand werken die een cursus brandveiligheidsmanagement heeft gedaan.

Waterputten voor Friese calamiteiten

Mocht er een natuurbrand komen in het Drents-Friese Wold, dan hoeven brandweer en boeren straks niet meer van heinde en verre water aan te voeren. Begin november werd de eerste van drie diepe waterputten geslagen.

Veiligheidsregio Fryslân heeft de waterputten, die tachtig meter diep zijn, nodig in het geval er calamiteiten plaatsvinden. In het Friesch Dagblad geeft specialist natuurbrandbestrijding Henk Schuijn aan dat hij voor de komst van de putten regelmatig slapeloze nachten had wanneer er de afgelopen jaren in de zomer sprake was van extreme droogte. In 2018 was een omvangrijke brand in het gebied bij het dorpje Wateren.

Een probleem met bluswater uit kanalen en sloten is dat hierin meststoffen zitten van de boerderijen uit de omgeving. Deze zijn volgens boswachter Lysander van Oossanen veel te vruchtbaar voor een natuurgebied. Met de putten is er volledige dekking voor de brandweer van het Drents-Friese Wold.

10_BB12_Actueel.html-image5

Andere artikelen in deze aflevering

Belevingsonderzoek 2021: jouw mening telt

Dit jaar wordt het belevingsonderzoek voor de tweede keer uitgevoerd. Lector Ricardo Weewer van het Instituut Fysieke Veiligheid (IFV) leidt het onderzoek. Ton Strien,