Home

Werking en toepassing van alternatieve blusmiddelen onderzocht

Werking en toepassing van alternatieve blusmiddelen onderzocht

Gegevens

Nummer
2022
Publicatiedatum
8 november 2022
Auteur
Redactie
Rubriek
Nieuws

Fabrikanten en distributeurs laten ons weten dat er alternatieve blusmiddelen op de markt zijn gekomen die mogelijk van meerwaarde zijn bij reguliere en bijzondere brandscenario’s. In de meeste gevallen wordt de werking van deze middelen door fabrikanten onderbouwd middels praktijktesten. Het probleem waar brandweerkorpsen (en het lectoraat Brandweerkunde) voor staan is: zijn de testresultaten te vertalen naar de praktijk? Daarnaast is soms niet geheel helder in welke gevallen en in welke mate deze middelen een bijdrage leveren aan de brandbestrijding, of voor welke tactiek of werkmethode ze toepasbaar zijn. Inmiddels maken verschillende veiligheidsregio’s al wel gebruik van deze blusmiddelen.

Het lectoraat Brandweerkunde van NIPV heeft daarom een verkennend (literatuur)onderzoek uitgevoerd (lopend van oktober 2018 tot januari 2020) met als doel brandweerkorpsen meer inzicht te geven in de werkingsprincipes, toepassingskaders en beperkingen van deze blusmiddelen.

De hoofdvraag van dit onderzoek luidt:

Wat zijn de werkingsprincipes van (alternatieve) blusmiddelen en wat is de toepasbaarheid van die blusmiddelen in de verschillende incidentscenario’s?

Om de hoofdvraag te kunnen beantwoorden, zijn de volgende deelvragen geformuleerd:

  1. Welke soorten alternatieve blusmiddelen bestaan er?

  2. Welke relevante kennis, kaders en handelingsperspectieven zijn er in de literatuur te vinden over alternatieve blusmiddelen?

  3. Wat is de bluswerking van deze blusmiddelen?

  4. Wat is de werking van de blusmiddelen binnen zowel standaard als specifieke incidentscenario’s?

Hierbij is gezocht naar onderbouwing vanuit natuurkundige en scheikundige principes om te kunnen duiden op welke wijze het blusmiddel een brand blust. Op basis van deze principes kan bepaald worden in welke incidentscenario’s een blusmiddel toepasbaar is. Voor het literatuuronderzoek is, hoofdzakelijk digitaal, gezocht naar nationaal en internationaal gepubliceerde artikelen, onderzoeksrapporten, testverslagen en publicaties door overheden, onafhankelijke instituten en in wetenschappelijke tijdschriften, maar ook naar onderzoeken uitgevoerd in opdracht van of door fabrikanten zelf. Hierbij is gebruikgemaakt van de sneeuwbalmethode, waarbij genoemde referenties verder onderzocht zijn op relevantie informatie. Vervolgens is in overleg met de opdrachtgever een aantal scenario’s opgesteld waartegen de geselecteerde blusmiddelen zijn afgezet. Op basis van de informatie die uit het literatuuronderzoek naar voren is gekomen, is per scenario een uitspraak gedaan over de effectiviteit van de blusmiddelen.

De blusmiddelen zijn op basis van een eerder uitgevoerd verkennend literatuuronderzoek onderverdeeld in:

  • Watergedragen additieven:

    • Gelvormende middelen

    • Mineraalblusmiddelen

    • Zeepvormende middelen

    • Surfactanten

  • Aerosolgeneratoren.

Blusmiddelen binnen de groep watergedragen additieven hebben verschillende fysische en chemische werkingen. De belangrijkste fysische werkingen zijn het afdichten van de brand (gelvormende, minerale en zeepvormende middelen) en een groter indringend vermogen in de brandstof (surfactanten). De belangrijkste chemische werkingen zijn het koelen van de brandstof (gelvormende en mineraalblusmiddelen en surfactanten) en het afbreken van de brandstof (zeepvormende middelen).

De fysische werking van blusmiddelen binnen de groep aerosolen is het verdringen van brandbare gassen en zuurstof en de chemische werking is het neutraliseren van radicalen. Voor wat de toepassingskaders betreft, wordt opgemerkt dat na het gebruik van een aerosolgenerator wel vaak afblussen met water nodig is, omdat een aerosolgenerator niet voldoende koelt.

Het rapport is te downloaden op de site van NIPV